Het motiverend effect van Tempo 60!

Te veel mensen antwoorden op de vraag:” wat zegt je de Verlichting”, “met “ TL, halogeen,LED” ?

De actuele geopolitieke spanningen gaan voor wat betreft het “Westen” over zeer belangrijke zaken, waaronder de hard bevochten “Verlichting”. Het “Oosten” heeft deze niet meegemaakt. We bedoelen uiteraard de periode waarin de individuele vrijheden werden afgedwongen van het establishment, dat ons -als we eerlijk zijn- meer dan 1000 jaar heeft opgehouden…

“De aarde was plat, punt.”
“De planeten en de zon draaien rond de aarde, punt.”
“De mens is geschapen volgens een intelligent concept, punt.”

Daar mocht je niet aan tornen!

De drang naar individuele vrijheid die voortspruit uit het bewustzijn heeft het gehaald en de democratie werd geboren.

Heldhaftige vorsers ijverden eertijds voor het vrije onderzoek en het uiten van de vrije mening, vaak met gevaar voor lijf en leden.

  • Copernicus stelt in de 16de eeuw tot groot ongenoegen van de kerk, dat de aarde rond de zon draait en niet omgekeerd zoals altijd werd aangenomen.
  • Charles Darwin met zijn evolutietheorie toonde aan dat de mens van de aap afstamde.
  • Isaac Newton toonde aan dat het heelal werkt volgens drie vaste natuurwetten (met als bekendste de zwaartekracht)

 

  • Daarna kwam Einstein met de relativiteitstheorie en de ruimtetijd e= mc2.

 

 

Bron: https://www.eoswetenschap.eu/natuurwetenschappen/wat-ruimtetijd

  • Hieruit onstond de quantum (deeltjes) fysica van Max Planck en recenter de snarentheorie van Brian Greene, de zwarte gaten in het midden van elke nevel (sterrenstelsel). 

 

 

 

 

 

 

 

 

  • Jezuïet en paleontoloog Teilhard de Chardin onderzocht het ontstaan van ons bewustzijn of het antwoord op de volgende vraag : wanneer keek een aap voor het eerst in het water en dacht in zichzelf “dat ben ik”. Paus Pius XII sloeg hem voor deze studie in de kerkban. Paus Johannes XXIII echter, maakte decennia later deze strafmaatregel ongedaan.
  • Stephen Hawkins bewees dat vòòr de oerknal (Big Bang) en het ontstaan van het universum er geen tijd bestond , met alle theologische gevolgen van dien….

In het Pantheon van Parijs kan men kennis nemen van de werken van bekende Franse verlichte denkers. Boven de inkom staat een groot opschrift “Voor de grote mannen, het dankbare vaderland'

Bron: https://wikikids.nl/Verlichting

Zij verdedigden het vrij, kritisch en methodisch onderzoek. Daardoor heeft het menselijk vernuft geleid tot een ongeziene westerse bloei tgv de inzichten van deze wetenschappers.

Een gepubliceerd wetenschappelijk onderzoek is zodanig grondig beschreven dat iedereen het kan overdoen en controleren….

Dit “tegensprekelijk” karakter is van af nu een belangrijke voorwaarde in de zoektocht naar de waarheid.

Dank zij een dergelijke studie over de invloed van sociale parameters tussen postduiven bij het terugkeren naar het hok, kunnen wij nu ook beschikken over objectieve besluiten: wat is waar en wat is een verzinsel …

In deze studie werd de invloed onderzocht van sociale parameters zoals geslacht, paringsstatus of kweekstatus, bij het afleggen van een bekende route bij postduiven.

Nadat de duiven waren getraind vanaf een losplaats op ongeveer 10 km van hun hok, werden ze gelost in verschillende duo- en groepsformaties, om de genoemde sociale parameters te beoordelen. Door herhaalde lossingen en het feit dat de afstand tussen losplaats en het hok niet al te groot was, raakten de duiven steeds meer vertrouwd met deze route en kenden zeer waarschijnlijk vrij snel de meest efficiënte route (verwierven dus een betere efficiëntie index).

De aanvankelijke solovluchten vertoonden de eerste dagen een verhoging van de efficiëntie en daarna stagnatie. Men gaat er dus van uit dat training of leren geen verdere invloed zou hebben gehad op de volgende vluchten en dat verschillen in efficiëntie  te wijten waren aan verschillen in motivatie. Natuurlijk kan groeps-grootte ook de efficiëntie verbeteren, maar over het algemeen is het moeilijk om onderscheid te maken tussen het vermogen om naar huis te vliegen en de motivatie om daar gebruik van te maken. Het lijk toch zeer waarschijnlijk dat motivatie de efficiëntie-index van een bekende route bevordert.

De duiven bereiken doorgaans een hoog niveau van route-efficiëntie na ongeveer acht tot tien vluchten. Uit het leerproces bleek dat de duiven dan de meest efficiënte route naar huis namen, wat natuurlijk een toenemende benadering van de rechte lijn betekent. Over het algemeen varieerde de gemiddelde efficiëntie-index van solovluchten tussen 0,66 en 0,91 ( 1= rechte lijn ), meestal rond de 0,83. Theoretisch bleek een zekere verhoging van de efficiëntie met de toenemende afstand.

Er werd van uitgegaan dat de kortheid van de afstand (10 km in rechte lijn zoals in de studie is in feite kort ) geen echte uitdaging voor de duiven zou kunnen vormen, waardoor ze misschien geen behoefte gevoeld hebben aan verdere verbetering. Het bereik tussen efficiënties in deze studie geeft aan dat de efficiëntie-index over een (relatief korte) bekende route kan worden beïnvloed door de soort sociale relaties met vluchtgenoten. Slechts een paar studies zijn direct ingegaan op de mogelijke invloeden van de motivatie van duiven op de terugkeer-prestaties. Tegenwoordig kan de gevlogen route makkelijk gevolgd worden (Bron:https://www.refly.nl/).

 

We kunnen na jaren evaluatie en communicatie met de liefhebbers besluiten dat Tempo 60 de motivatie en de vlieglust zichtbaar aanwakkert. De exacte invloed op de terugkeer-prestaties (hoe vlug) werd alsnog niet gemeten.

Interessant is dat ongepaarde duivinnen een betere efficiëntie-index lieten zien in zowel solovluchten(1 duif) als duovluchten(2 niet gepaarde duiven ) dan de gepaarde duivinnen of doffers . Het lijkt erop dat het celibaat een motiverende factor is voor terugkeer-prestaties, zelfs een heel sterke.

De hogere efficiëntie-index (vinden van de kortste weg) van de groepsvluchten van de ongepaarde duiven komt overeen met eerdere bevindingen waaruit bleek dat groepsvluchten over het algemeen betere terugkeerprestaties ( snelste terugkeer) laten zien dan solovluchten, ook als de soloprestaties van de individuele duiven slechter waren. 

Verschillende onderzoeksgroepen hebben dit fenomeen beschreven en verklaard met het "many-wrongs"-principe ( veel – verkeerd - principe) en andere modellen van groeps-navigatie die het opheffen van individuele navigatiefouten voor op stellen ( zie vorige blog). Daarentegen blijkt dat de omcirkeltijd toeneemt met de groepsgrootte vanwege het aanstellen van een leider. Bij de duo- en groeps-vluchten werd dit niet waargenomen en naar onze mening moet men onderscheid maken tussen de aanvankelijke omcirkeling en de uiteindelijk gekozen route, die de efficiëntie-index vertegenwoordigt. De efficiëntie-index van de groepsvluchten van gekoppelde duiven was hoger dan bij solo- of duovluchten. De groepsgrootte heeft dus een effect op de efficiëntie, afhankelijk van motiverende effecten. De snelheidswaarden vertoonden vergelijkbare tendensen, maar hun interpretatie is moeilijker omdat de invloed van fysieke fitheid bij afwijkingen moeilijk kan ingeschat worden 

Aangenomen wordt dat solo geloste duiven een langere omcirkeltijd  op de lossingsplaats vertonen omdat ze op zoek gaan naar andere duiven; terwijl duo’s en een klein aantal koppels de losplaats meestal veel sneller verlaten. Zo moet worden verwacht dat duo- of groepsvluchten een hogere efficiëntie-index vertonen dan solovluchten vanwege een sociaal gemotiveerd gedrag op de losplaats. Dit komt overeen met onze bevindingen voor de ongepaarde duivinnen , maar niet voor de gepaarde duiven. Interessant is dat de motivatie om via de meest directe route naar huis te vliegen het laagst is als gepaarde paren samen vliegen. Blijkbaar vermindert vliegen met de partner de motivatie om naar huis te gaan, en dus de efficiëntie-index, omdat het bij de partner blijven, de motiverende factor is en als beloning fungeert.

Dit komt overeen met de gebruikelijke strategieën  van duivenliefhebbers die weten dat de gekoppelde partner in combinatie met het nest (kweek plaats) leidt tot een zeer hoge motivatie bij duiven en kan worden gebruikt om de terugkeer-prestaties te verbeteren. Hierbij  neemt uiteraard één duif van het koppel deel aan een wedstrijd terwijl de andere op het hok wacht (weduwschap). Het zou interessant zijn om te testen of het fenomeen van slechtere prestaties bij (gekoppelde) parenvluchten verdwijnt bij het vliegen van langere afstanden of bij vluchten vanaf onbekende losplaatsen, aangezien dit soort vluchten een grotere uitdaging zou zijn voor hun navigatievermogen (niet-navigatieparameters meer overbodig). Zoals hierboven vermeld, nam de efficiëntie-index aanzienlijk toe in groepsvluchten waar drie gekoppelde  paren samen werden gelost.

Er is altijd de neiging om in groepen te reizen (zelfs bij het vliegen van een bekende route) en het is aangetoond dat de aard van sociale relaties binnen de groep van invloed kan zijn op de keuze van de route. In onze studie geven de goede terugkeer-prestaties in alle groepen aan dat groepsvluchten in het algemeen efficiënter zijn en niet sterk worden beïnvloed door geslacht, paring of broeden.

 

Recente publicaties toonden aan dat kweek- of broedstatus een motiverende factor is, maar deze verschillen zijn alleen significant bij duivinnen, wat lijkt te suggereren dat zij meer belang hechten aan het broeden, misschien vanwege hun grotere investering (ze leggen de eieren en hebben langere broedbeurten). Er werd ook aangetoond dat de terugkeerprestaties een duidelijke jaarlijkse periodiciteit vertonen (bij duiven die op onbekende locaties worden gelost), maar men vond geen correlatie tussen de kweekcyclus en de terugkeer-prestaties, misschien omdat de duiven in principe het hele jaar door kweken als b.v. voedselbeschikbaarheid is gegarandeerd.

De resultaten laten zien dat er een verband is tussen de kweekstatus en de efficiëntie-index. Een bestaande koppeling of een aankomende verduistering verhoogt de motivatie om naar huis te gaan, in ieder geval bij duivinnen  en in ieder geval  op korte afstand van een bekende losplaats. Het bleek dat de kweekcyclus invloed heeft op de terugkeer (snelheid). In dit onderzoek vertoonden de duiven een toename van de terugkeersnelheid tijdens de broedtijd  met een piek bij de uitkip tijd  en in de eerste dagen bij aanwezigheid van de jonge duifjes, vanwege psychologische aspecten,( motivatie) en hormonale veranderingen. Er werden inderdaad de lossingen om 8 uur en 14 uur voorzien,  net voor het verwachte uitkippen. De paar- en groepsvluchten werden een paar dagen eerder gedaan en dus niet tijdens de piektijd. Er werd ook aangetoond dat bij nachtelijke (schemer) terugkeer, kweekduiven en duiven met een hoge mate van bronst activiteit veel meer gemotiveerd bleken voor terugkeer dan andere duiven.

De moeilijkheid van reproduceerbaarheid ( tegensprekelijkheid) van de resultaten maakt het terugkeer vermogen in het algemeen moeilijk te analyseren. Er zijn periodieke schommelingen gevonden in de loop der uren, van dag tot dag en tussen verschillende jaren.

Er is natuurlijk ook een grote afhankelijkheid van
a) het actuele weer en
b) de losplaats, of meer precies het terrein tussen de lossingsplaats en thuis, met zijn karakteristieke oriëntatiepunten, aardmagnetisch veld enz.?

Maar desalniettemin kan het analyseren van de terugkeer trajecten en het thuis zoek proces opwindende inzichten opleveren. Deze studie geeft inzicht in een speciaal geval (bekende route, korte afstand, non-stop vluchten) waarvoor de efficiëntie-index positief correleert met de terugkeer snelheid.

We willen opmerken dat onze beperkte kennis van de motivatie om naar huis te vliegen is verkregen met normale onbehandelde duiven. Dit probleem wordt relevant voor onderzoeken waarbij gebruik wordt gemaakt van duiven die op een bepaalde manier experimenteel zijn gemanipuleerd. Als hun prestaties zijn verminderd, is het noodzakelijk om zich af te vragen of de experimentele manipulate  hun vermogen om naar huis te keren verminderde.

Comed heeft dus nog veel ( boeiend ) werk voor de boeg! We kunnen evenwel al stellen dat Tempo 60 een merkbaar motiverende effect heeft. We moeten ook aangeven dat met de motiverende werking van Tempo 60 ook moet rekening worden gehouden met een meer dominant karakter.

 

 Bron: https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC5112789/  


Publicação Mais Antiga